We gaan op pad richting kloosterdorp Steyl. Mijn oudste zoon en ik op de fiets en mijn jongste op zijn step, een stuntstep welteverstaan. Tot voor een paar maanden geleden had ik nog nooit van een stuntstep gehoord en nu heeft hij er een en weet ik wat het is. Een step die zo stevig gebouwd is dat je er meters mee door de lucht kunt vliegen, landen en de wieletjes doen het dan nog steeds. Hij kan er allerlei trucjes mee en springt en draait met het ding dat het een lieve lust is. Halverwege onze weg naar Steyl vraag ik aan mijn steppende zoon of hij bij mij achterop wil maar dat wil hij niet. Hij stept door, lange halen met zijn linkerbeen houdt hij ons tempo met de fiets redelijk makkelijk bij, blosjes op zijn wangen. In Steyl parkeren we onze fietsen, de step gaat mee. Mijn oudste zoon kijkt op het schermpje van mijn telefoon. We gaan op Pokémons jagen. Hij ziet er al snel eentje die nog niet in ons assortiment voorkomt en we lopen de kant op die hij wijst. Mijn jongste zoon met zijn step achter ons aan. Ik vraag of ik ook eens mag en hij vraagt hoe zwaar ik ben. Ik doe verontwaardigd en geef mijn gewicht, ik mag op de step en ik vraag tot welk gewicht het mag. Honderd kilo, zegt hij en ik zeg hé, wat denk je wel. Hij lacht. Ik step een stukje en probeer dan het sprongetje te maken die ik mijn zoon zo vaak zie doen. De step schiet omhoog, heel even op het achterste wieletje en dan lig ik op de grond. Bam. Mijn kinderen lachen. Ik deed een wheelie, roept mijn jongste zoon. Een heel korte, voeg ik eraan toe. Ik probeer het nog een paar keer. De eerste paar keren gaat het weer bijna mis, daarna gaat het beter en blijf ik op de step terwijl de step centimeters van het asfalt omhoog komt. Mijn jongste zoon is enthousiast, blijer dan ik, ik dacht minstens twintig centimeter van de grond omhoog te komen en ik vind de paar centimeters net niks. Later probeer ik het nog eens maar ik voel vooral angst wanneer ik op het stepje met een rotgang over het asfalt scheer. Bang om te vallen. Ik geef de step terug aan mijn zoon, die er op weg stuift. Tegen mijn oudste zoon zeg ik dat ik te oud word voor die onzin.