Ik loop het park in. Ik heb net rustig van huis tot hier gerend en ik heb het nu al warm. Ik kijk naar de tijd. Nog iets meer dan een half uur voor de start dus ik neem nog even mijn rust en ga op een van de betonnen blokken waarin de hekken gestoken zijn zitten, lekker in het zonnetje en vandaar kijk ik naar de sporters die aan het inlopen zijn of aan het eten, ik zie een vrouw vorkjes pasta uit een vershoudbakje prikken. Met nog een kwartier voor de start loop ik richting de startvakken, nog even langs het toilet voor een laatste plasje en dan de ingang zoeken om in het startvak terecht te komen. Hier zie je bij veel lopers de zenuwen pas echt toeslaan. Ik spreek met een kennis en we hebben het over het ontbreken van voorbereidingen. Dan is het nog een paar minuten voor aanvang en opeens beweegt iedereen een tiental meters naar voren en daarna klinkt het startschot en beginnen we de wandeling richting de start, dat duurt makkelijk nog een kwartier. Daarna begint het rennen en met dat rennen ook het genieten. Het is alweer een paar jaar geleden dat ik de laatste keer de halve marathon liep. De tien deed ik nog wel een keertje maar die gaf me geen voldoening. De eerste tien kilometer gaan redelijk. Niet goed, maar dat kan ook niet anders met het ontbreken van voldoende trainingskilometers, maar het lopen gaat wel, het is de zon die het me lastig maakt. In Steijl draaien we terug richting Venlo en richting de dijk en nu begint mijn buik op te spelen. Dat heb ik tijdens de Venloop nog niet eerder gehad alhoewel ik de verhalen wel ken. Acute buikloop en andere ongemakken. Ik ren door alhoewel ik nu wel al wat stukjes begin te wandelen om mijn buik af en toe wat rust te geven. Op die manier voltooi ik de tweede helft van de Venloop. Met soms wat stukjes lopen en dan weer stukken rennen. Ik hoor de aanmoedigingen van de mensen aan de zijkant die me aansporen om weer te gaan rennen als ik even aan het lopen ben maar ik kies nu voor gecontroleerd verder gaan. Finish halen. Dat had ik me ten doel gesteld, geen tijd en als ik uiteindelijk over de parade ren en mensen mijn naam hoor roepen en ik in de verte de finish op zie doemen dan is het me meer dan waard geweest, een wat ongemakkelijke Venloop, maar ik liep hem.