Annemiek komt thuis na een dag op een beurs en ze vertelt over haar dag, over informatiebeveiliging, over quantum computers en over qbits. Ik luister naar wat ze vertelt en mijn simpele hersenen proberen het een plaats te geven, het te duiden maar dat lukt niet, het gaat mijn pet te boven. In de ochtend zoek ik op internet naar uitleg. Zodra ik naar qbits zoek kom ik op wikipedia pagina’s uit waar al een opmerking op staat dat het geschrevene onderwerp is van discussie. Misschien wel niet waar dus. Ik sluit de wikipedia pagina en zoek verder en kom uit op een film van een professor van Oxford die in anderhalf uur gaat uitleggen wat quantum computers zijn en wat een qbit is. Na een half uur leg ik mijn hoofdtelefoon af. Ik heb niet de tijd om het hele verhaal af te luisteren, ik moet naar de winkel. Wel weet ik inmiddels iets meer. Toen ik leerde programmeren leerde ik dat met nullen en enen. Een bit was een nul of een één en een byte vormde een string van acht bits. Ik heb nog daadwerkelijk door het intikken van een gigantisch lange volgorde van nullen en enen een floppydisk geformateerd. Ons programmeerwerk ging lineair, zoals je een boek leest zeg maar. Je begint bovenaan en bij de uitvoer van het programma wordt regel voor regel gelezen en verwerkt. Alle nullen en enen, een voor een. Nu de qbit. Een qbit heeft als eigenschap dat het een één en een nul tegelijkertijd is en dat de werkelijke status, namelijk is het een één of een nul, zich pas openbaart op het moment dat we er naar kijken. Dat is een bizar gegeven. Maar ook een gegeven dat computers exponentieel sneller kan maken, kennelijk. Iets waar supercomputers nu jaren over rekenen kan met een quantum computer in seconden gebeuren. Dat is een eenvoudig gegeven. Een mooi gegeven en misschien ook wel een gevaarlijk gegeven. Extreem veel sneller. Ondertussen blijf ik een beetje hangen bij de qbit. Wetenschappers noemen het feit dat de qbit zowel een één als een nul kan zijn een superstatus. Bij mij heerst vooral het onbegrip, zoals ik oneindigheid ook niet begrijp. De komende dagen ga ik de uitleg van de Oxford professor afkijken, wellicht volgen er nog wat andere professoren en heel misschien ga ik het nog wel een heel klein beetje begrijpen.

Plaats een reactie