Ik lees een boek uit. De pruimenpluk van Dimitri Verhulst dit keer, vorige week was hij in de winkel om te vertellen over zijn boek. Ik ben een groot Verhulst fan en heb veel van zijn boeken gelezen, niet alles vond ik even goed, het merendeel wel en ook dit boek vond ik weer prachtig. Waar het in de pruimenpluk over gaat is een man, die woont aan een meertje in een heel klein dorpje, een dorpje dat een hele periode door sneeuw onbereikbaar is en waar de inwoners nauwelijks met elkaar spreken. De man zet zijn huis te koop en net als er kopers zijn die daadwerkelijk over willen gaan tot koop komt een vrouw binnen die hij enkele weken eerder op het meer zag, toen hij zich daar aan het wassen was omdat zijn waterpomp kapot was, en op wie hij terstond verliefd werd. De man, Mattis, besluit de koop af te blazen en begint een relatie met de vrouw, Elma, die haar man verloren heeft in een tragisch vrachtwagen ongeluk. Mattis strijdt om de hand van zijn geliefde met iemand die er niet meer is, met een dode. Geen eenvoudige strijd maar toch een die hij aangaat. Voor de pruimenpluk kreeg Verhulst twee sterren in het NRC in een nogal vernietigend relaas. De recensent nam kleine fragmenten uit het boek en maakte die belachelijk, maakte de auteur belachelijk en noemde hem een cabaretier, iets waarover Verhulst tijdens de lezing zei dat hij dit nauwelijks als belediging kon opvatten omdat hij een groot respect had voor deze kunstenaars. Persoonlijk vind ik het nogal gratuit om een aantal zinnen uit een boek te nemen, ze uit de context te trekken en daarmee te scoren in je vernietigende oordeel. Ik vond de pruimenpluk een van de betere werken van Verhulst, hoewel ik nog steeds aan het wachten ben op de roman die beter is dan Mevrouw Verona daalt de heuvel af, naar mijn mening zijn mooiste werk. Mevrouw Verona krijgt van mij de zeer verdiende vijf sterren en omdat de pruimenpluk niet beter is dan die roman, zou ik er vier sterren voor geven. De twee uit het NRC is belachelijk. Wellicht persoonlijke kift, dat weet ik natuurlijk niet, de lezer kan daar echter het enige oordeel over vellen, dus ik adviseer: lees dit boek, het is een klein juweeltje.
Bookaroo…
Vandaag ging Bookaroo van start. Wat vervroegd door uitgebreide artikelen in de Volkskrant gisteren en vandaag nogmaals in een column van Peter Buwalda. Eigenlijk had het volgende week woensdag het levenslicht moeten zien, maar door de plotselinge aandacht besloten de initiatiefnemers om een beta variant eerder te lanceren. Bookaroo is een sympathiek initiatief, bedoeld om het verdwijnen van boekhandels uit het straatbeeld te stoppen. Boekhandel die het moeten afleggen tegen de exponentiële groei van de online verkopen, van bol.com dus. Het idee achter bookaroo is simpel, maar juist de simpele ideeën zijn vaak het meest succesvol. Een klant bestelt een boek op bookaroo en die koppelt de bestelling aan een fysieke boekhandel die het boek binnen een dag bij de klant bezorgt. Simpel. Op de eerste dag merk ik dat het voor de boekhandel niet per definitie simpel is, want de boekverkoper moet de order claimen. Is de order in het eigen postcode gebied dan wordt die order het eerste uur enkel aan de aangesloten boekhandel in het gebied aangeboden, vervolgens naar vijf andere dichtstbijzijnde boekhandels en op het derde uur naar heel nederland. Dat betekent veel verversen van pagina’s om te zien of er een order klaar staat en of de bestelde titel voorradig is. Ik vind het wel grappig, hoewel ik nog liever dan op bookaroo de online klant op onze eigen website heb. Waar we ons niet geconfronteerd zien met tijdsdruk om een order te claimen. Waar de order per definitie door ons wordt uitgevoerd. Wat ik in elk geval goed vind aan Bookaroo is dat er aandacht is voor de boekwinkel en voor de rol die online met het straatbeeld doet. Niet alleen in de boekenbranche maar in het geheel. Steeds meer winkels moeten het afleggen onder druk van de webshops, winkels die allemaal ook een eigen webshop hebben maar niet het budget voor marketing die de grote jongens er tegenaan smijten. Wij doen mee met Bookaroo, en middels dit nieuwe platform proberen we de groep klanten te bereiken en te wijzen op het bestaan van onze website die we nu niet weten te bereiken. Ik ben benieuwd hoeveel orders we de komende dagen kunnen claimen.
Oor…
Ik zit in de wachtkamer van de huisartsenpraktijk. Ik denk dat ik zo’n twintig jaar geleden voor het eerst met deze zelfde kwaal in een wachtkamer zat. Verstopte oren. Destijds liet ik ze voor het eerst uitspuiten, na dagenlang geklooi met theelepeltjes, olie en watten. Ik wist van anderen die al eens eerder de oren uitgespoten hadden gekregen, dat deze eerste keer waarschijnlijk niet de laatste zou zijn. Ze kregen gelijk. Kennelijk kan een lichaam vijfentwintig jaar lang zelf de oren schoon houden maar zodra je een keer daarvoor hulp inschakelt denkt het lijf, als jij het beter weet dan doe je het zelf maar. Er waren jaren dat ik elk jaar moest gaan. De afgelopen jaren werd het weer minder en ben ik de laatste drie jaar zelfs niet hoeven gaan. De afgelopen weken had ik het gevoel dat het in mijn oren niet goed zat en met een vakantie voor de boeg waarbij we de hoogten in de bergen niet schuwen ben ik bang dat ploppende oren in die situaties niet terug gaan ploppen dus ga ik toch maar op controle. De doktersassistente die me roept kijkt ik mijn linkeroor, waar ik het gevoel heb dat er wat zit, en beaamt dat. Ze kijkt ook in mijn rechteroor en ook daar zit een verstopping. Ze vraagt of ik gedruppeld heb en dat heb ik niet omdat ik niet wist of er een verstopping zat. Ze probeert het toch en ze is heel volhardend. Na een hele boel spuiten warm water mijn oren in gespoten te hebben geeft ze het op. Ze vraagt of ik een kwartiertje in de wachtkamer wil wachten in de hoop dat al het ingespoten water de verstopping zal verzachten en beter te bespuiten is. Na een kwartier word ik weer binnengeroepen. Ze begint weer links en dit keer met succes. Ik weet, uit ervaring, wanneer het succesvol is want dan springen opeens tranen in mijn ogen. Rechts, waar ik geen last van had, is hardnekkiger. Er gaan nog aardig wat liters doorheen maar de verstopping houdt dapper stand. Alle goede bedoelingen ten spijt moet de doktersassistente opgeven. Ik moet aan de slag met olie, ik krijg een handig pipetje mee en ik moet me maandag opnieuw melden. Ik fiets terug naar het werk, met één goed horend oor en leg het pipetjes op mijn bureau waar het blijft liggen wanneer ik naar huis ga waardoor ik toch weer loop te klooien met een theelepeltje vol olie dat ik met mijn hoofd schuin in mijn oor probeer te gieten.
Spannend…
Er verschijnen stapeltjes boeken op verschillende plaatsen, thuis. Het kenmerkt de aantocht van onze vakantie. Nadenken wat we willen lezen wanneer we onderuit zakken voor onze tent. Het kopen van de boeken is al een voorpret omdat ieder van ons weet waar we die boeken zullen lezen. In de winkel moet ik nog wel wat stappen zetten om klaar te zijn voor vakantie. Om er voor te zorgen dat rekeningen betaald worden, belastingen aangegeven en salarissen overgemaakt. De warmte van de afgelopen dagen helpt daar niet bij. Het tempo van werken gaat omlaag en in de namiddag wordt het vies benauwd in het kantoortje. Ik spreek met veel vertegenwoordigers vandaag. Ik bel met China. April, heet mijn contactpersoon in China, en ik geloof eerlijk gezegd niet dat dat haar echte naam is, want, zonder te generaliseren, hoeveel Chinezen kent u die April heten. Ik dus eentje en de afgelopen tijd heb ik veel contact met haar gehad en vandaag spreek ik haar nog even en waarschijnlijk voor de laatste keer. Een aantal acties die ik heb ondernomen komen naar verwachting samen in mijn vakantie. Nieuwe vitrines en een machine die geleverd worden, grote orders die dan vrijgegeven kunnen worden. Na mijn vakantie gaan we op bepaalde activiteiten een nieuw licht laten schijnen. Omdat het dat verdient, en omdat het leuk is. Maar eerst gaan we heerlijk ontspannen en een enorme stapel boeken lezen.
Tussen i en k…
Het is wat het is, en het is warm. In de ochtend valt het nog mee, ik zit lekker buiten en ik lees de krant, een frisse wind waait en ik heb soms moeite om de krant op de tafel te houden. Een kop koffie op de uiteinden helpt. Tot net voor het moment van vertrek draag ik een korte broek, meer niet, maar ik moet geloven aan de lange broek en een overhemd omdat ik het in de winkel niet net vind staan om mezelf in korte fleur te presenteren. In de winkel gaat het overigens nog best, qua temperatuur. Het is warm, maar wanneer ik van buiten naar binnen loop, midden op de dag, merk ik het verschil. Binnen valt het mee. Er lopen minder klanten door de straten dan normaal. Logisch. Toch bereiken we een aantal klanten van honderdtwintig. Minder dan een normale dinsdag maar toch best goed. Ik draag rond vier uur een molen met rugzakken van de bovenverdieping naar beneden, iets wat ik al een paar dagen uitstel omdat ik het te warm vind en nu help ik de klanten er toch even mee. Ze zoeken Eastpak, een merk tas en ik zeg dat ik die niet heb, dat ze daarvoor naar een winkel een paar deuren verderop moeten gaan en ze zeggen dat ze daar ook naartoe gingen maar dat die winkel de deuren heeft gesloten in verband met de warmte. Dat maakt me kwaad. De arrogantie van een winkelier die de winkel sluit en daarmee totaal geen rekening houdt met het feit dat klanten wel de warmte trotseren om hun winkeldeuren te bereiken. Gesloten winkeldeuren. De belangen van de ondernemer boven die van de klant stellen. Ik snap dat niet. Net zo goed dat ik niet snap dat ik deze blog kon tikken zonder gebruik te maken van de letter die tussen de i en de k komt in het alfabet want die letter is vandaag van het toetsenbord gesprongen. Al werkend en tikkend merkte ik dat ik die letter vaak nodig had. Morgen ga ik proberen of ik de letter terug kan monteren. Ik tik deze teksten steevast op een laptop, een nieuw toetsenbord is daarmee geen sinecure, net zomin als het ontlopen van die letter.
Stemmen…
Binnen de muren van het Fort bij Vechten is het lekker koel. Ik was hier nog nooit geweest. Ik parkeerde mijn auto, die ook lekker koel was door de airco, op de parkeerplaats, en nadat ik buiten een beetje gewend was aan de hitte liep ik maar het enige pad in dat ik zag. Ik was blij dat ik aan het einde van het pad een briefje op een muur zag hangen met een pijl, ledenvergadering. Vandaag ben ik twee keer lid. Eens in de ochtend van Libris met wie we de aandachtspunten in de toekomst bespreken en de andere in de middag van de boekverkopesbond waarin we algemenere dingen in het boekenvak bespreken en moeten stemmen door middel van papiertjes die ik, nadat ik me had gemeld, in een envelop meekreeg. Op mijn briefje staat dat mijn stem voor vier telt. Ik gluur een beetje over de schouder van de dame voor me, die heeft ook vier, maar drie machtigingen waardoor ze op zeven komt. Links van me zit een jong stel waarvan de vrouw flink zwanger is. Ik kijk op hun briefje, één stem. De twee stemrondes eindigen in unaniem en in een grote meerderheid. Het had niet uitgemaakt, de vier van mijn of de ene van het stel naast me, maar het voelt in elk geval alsof we mee hebben beslist over de toekomst van ons mooie vak.
Tent…
Aan de linkerkant zien we het zweefvliegveld, rechts weide met steeds bordjes waarop levensgevaarlijk staat. We rijden de weg die bestaat uit betonnen platen, ik denk nog uit de oorlogstijd, waar om en om rechts of links parkeervakken op getekend zijn en we zoeken naar een plek waar we onze nieuwe tent een keer kunnen opzetten. Aan het einde van de weg vinden we links een plek. We zetten de auto neer, ik maak de achterklep open en til het grondzeil er uit. Die is snel gelegd. Daarna de eerste grote tas met daarin de tentstokken en het grondzeil. Het is een andere manier van opzetten. Bij de vorige tent zat grondzeil en tent aan elkaar vast, die spreidde je uit, daar stak je op vijf punten glasfiber stokken doorheen, rechte stokken die je vervolgens krom omhoog duwde waarmee je de tent bolde. Bij de nieuwe tent is het grondzeil los van de tent. Eerst leggen we het grondzeil neer, die maak ik met vier haringen in de hoeken vast. Daarna zetten we de stokken in elkaar. Aluminium voorgevormde palen zijn het die direct in de juiste vorm staan. We leggen ze in de tent conform de afbeelding in de beschrijving. Daarna rollen we het tentzeil over grondzeil en stokken en met een aantal ritsen zetten we tent aan grondzeil vast. Dat is allemaal nog simpel werk, nu moeten we echter de tent in, waar we de eerste stok omhoog moeten duwen en de stok in de tent ritsen. Dat is even puzzelen en dat gepuzzel is niet fijn wanneer je onder een tentzeil ligt in de brandende zon. Dan lukt het en vervolgens zijn paal twee en drie die in de tent omhoog moeten een makkie. De paal die de luifel omhoog moet houden moet door een sleuf in het doek getrokken worden en dat is even lastig tot we besluiten de luifel er af te ritsen, daardoor is het minder zwaar en hebben we meer ruimte en glijdt de paal nu wel makkelijk door het doek. Vier haringen, een scheerlijn en de tent staat als een huis. In alles zien we de kwaliteit waarvoor we betaald hebben. In inventieve manieren om frisse lucht en licht in de tent te krijgen, in een luifel die ook een voortent kan worden en haakjes en lusjes op plekken waar je als kampeerder normaal altijd haakjes en lusjes mist. Annemiek hangt de binnentent er in, de slaapplekken en ik loop naar buiten om de scheerlijnen te knopen. Ik pak de zak met lijnen erbij, schud deze leeg en zie dat elke lijn voorzien is van een klip die we gewoon in de lusjes kunnen haken. Zinloos dus om dit nu al te doen. Ik loop de tent weer in en de binnentent hangt al bijna. De final touch is de lange rits waarmee tent en binnentent aan elkaar vast gezet worden. Daardoor ziet het er compleet uit. De tent staat. We missen de stoeltjes en het flesje wijn. Nee. We missen drinken. We hebben in de volle zon een tent op staan bouwen zonder er aan te denken een drup water mee te nemen. We genieten nog even van de tent die we de volgende keer in de Alpen op zullen zetten, we weten nu dat alles werkt en compleet is, enig aandachtspunt is dat we zorgen voor een flesje water.
Weekendbenen…
In het boekenvak hebben we een aantal Facebook groepen om informatie met elkaar te delen. Tips uit het boekenvak is er zo eentje. Sinds gisteren staan hier allerlei waarschuwingen op over bestellingen op het boek Weekendbenen, van de auteur Leonardus Verheul, die nepbestellingen blijken te zijn. Fake telefoonnummers, foutieve mailadressen. Het zijn ontzettend veel boekwinkels die klagen over deze titel dus controleer ik het ook maar eens bij ons om te constateren dat een heer Jacobsen, met een anoniem telefoonnummer, het boek besteld heeft. Met alle berichten die ik net gelezen heb weet ik één ding zeker, die komt niet langs. Na een kleine zoektocht leer ik dat de auteur van het boek weekendbenen tevens de uitgever is. Een dubbel belang dus. En ik wil niemand beschuldigen omdat ik natuurlijk niet kan weten of de meer Jacobsen een alias is voor meneer Leonardus Verheul, maar het lijkt me dat deze laatste de enige belanghebbende is. Nu kan ik twee dingen doen. Ik kan het boek in de winkel leggen en hopen dat iemand het koopt, dat zal vermoedelijk het idee zijn achter de fake bestellingen. We leggen het boek in de winkel, het verkoopt en we bestellen een nieuw exemplaar. Dat zou kunnen. Ik kan de manier van onder de aandacht van de boekverkoper brengen van een eigen uitgebrachte titel echter ook dusdanig veroordelen dat ik het bestelde boek uit de kast met bestelde boeken neem en het finaal doormidden scheur, iets wat ik nog nooit met enig boek heb durven doen. Puur uit respect voor boeken, voor auteurs die bloed, zweet en tranen in hun schrijfselen stoppen. Toch neig ik ernaar om dit voor de eerste keer te doen, of het nu de auteur of een aanbidder van de auteur is, dat maakt me niet zo heel veel uit in deze.
Vakantie…
Een week geleden bevestigde ik onze nieuwe dakkoffer op het dak van de auto. De vorige had het gehad na jarenlange trouwe dienst en bij de laatste rit terug uit Frankrijk wist iets wat in de dakkoffer lag zich door het dak naar buiten te wringen. Het bleef droog op de terugweg, maar direct na de vakantie was de allerlaatste rit van de dakkoffer die naar de stort. De nieuw koffer werd in een doos geleverd. Een grote doos. Onze toch wel ruime hal werd er voor de helft mee gevuld. Omdat de vakantie niet heel lang op zich laat wachten besloot ik uiteindelijk om het ding maar alvast te monteren. Dat is altijd stap één in alle stappen die gezet moeten worden om op vakantie te gaan, op het boeken van de bestemmingen na. Het fijne aan het monteren van een dakdrager is dat dit buiten moet gebeuren en vrijwel iedereen die langskomt daar een opmerking bij heeft. Op vakantie, hoor ik dan, of goede plannen, is er ook zo een. Die opmerkingen moet ik dan weer iets nuanceren omdat het nog even duurt maar hé, ook weer niet zo heel lang. Vandaag ging ik door met een volgende stap. Ik haalde de tenten bij Koops naar beneden. We hebben nieuwe tenten moeten kopen en liever komen we er hier, in Nederland, achter wanneer er een cruciaal onderdeel in de zakken blijkt te ontbreken dan dat we daar in Frankrijk, na een dag rijden achterkomen. Als het goed is is het dit weekend droog. Dan gaan we droogoefenen, tent opzetten voor dummies. We hebben er al aardig wat in ons leven opgezet dus deze zal ook wel lukken. Wel nog even een geschikt plekje ervoor vinden.
Harry…
Ik doe mijn zoon het dansje voor die je moest dansen in een gesprek met Harry, de directeur van het bedrijf waar ik een aantal jaren heb gewerkt. Harry zocht in gesprekken altijd de comfortzone op en trad deze met beide voeten. Gevolg was dat hij, in gesprekken vaak centimeters van mijn gezicht verwijderd stond, ik deed daarop een klein pasje naar achter en die vulde hij weer op, zo danste je dan door de kamer. Gemoedwillige intimidatie. Daar was hij een ster in. Hij is dood. Ik lees het in de notulen van een vergadering die ik de vorige keer gemist heb. Er werd een moment stilte gevraagd voor zijn verscheiden, ik was daar niet bij dus dat moment stilte geef ik hem nu alsnog, dat heeft hij verdiend. Het was geen makkelijk man, zoals veel goede en intelligente bestuurders betaamd. Ik herinner me vergaderingen, waarin hij urenlang sprak en ik, als voorzitter van de ondernemingsraad, alert moest blijven omdat ergens in het ellenlange verhaal iets belangrijks verstopt kon zitten, iets waarvan hij achteraf kon zeggen, ik heb het je toch verteld. Harry was een mooi mens, een jaar na zijn overlijden weet ik dat hij heen is gegaan. Dat maakt de schrik niet minder.