Ik schrijf ze al lang. Stukjes. Tien jaar of vijftien jaar, ik weet eigenlijk inmiddels niet meer hoe lang, maar in de avond, rond elf uur ga ik achter mijn laptop zitten en denk ik na over de dag en begin ik te tikken. In de eerste jaren tikte ik zeven stukjes per week, elke dag eentje en de afgelopen, ik denk vijf, jaren schreef ik er vijf per week. Soms met een kleine pauze tijdens vakantie en in al die jaren ben ik een aantal keren een tijdje gestopt, een pauze om weer even op te laden en met hernieuwde zin weer om elf uur in de avond achter mijn toetsenbord te kruipen. De laatste tijd merk ik vaak dat, wanneer ik een stukje publiceer, wordpress er een cijfertje achter plaatst, omdat ik de naam van het stukje al eerder gebruikte. Ik weet eigenlijk zeker dat wordpress dat met dit stukje ook gaat doen. Soms lopen die cijfers op, dan zie ik opeens rennen-8, of avondwandeling-4 en dan begin ik toch het gevoel te krijgen dat ik in herhalingen begin te vervallen. Dus ik ga het anders doen. Ik stop met de dagelijkse stukjes en ik schrijf wanneer ik vind dat ik iets bijzonders heb meegemaakt of heb gezien, of wanneer ik een boek uit heb gelezen dat ik mooi vond of wanneer we een spel hebben gespeeld dat we leuk vonden. Dat zal betekenen dat er ook dagen tussen zitten zonder stukjes in de ochtend. Ik blijf schrijven. Soms wellicht zeven stukjes in de week en soms misschien geen. Iets minder regelmaat en daarmee voor mij wellicht ook iets minder herhaling, hoewel ik zeker weet dat er nog wel een keer een stukje over een avondwandeling met de twee hondjes zal volgen. Ik zie de vijf met plezier tegemoet.